WeesperNieuws column Nora

Weet je wat ik echt fijn vind? Boodschappen doen. Maar dan vooral bij mijn lievelings-Albert Heijn aan de Achtergracht. Vrijwel elke dag ga ik na m’n werk, zo rond een uur of zes, even langs de ‘Appie’. En deze frequente supermarkt-bezoekjes hebben twee redenen:
1: omdat ik het vreselijk vind om vooruit te moeten denken wat we de hele week eten, ik bepaal liever per dag waar ik zin in heb.
2: omdat de AH een sociale ontmoetingsplek is, waar ik ALTIJD bekenden tegenkom. Een goede manier om even ‘om te schakelen’ van werkmodus naar vrijetijdsmodus. En mijn dagelijkse portie praten-over-niks, heerlijk!

Het begint meestal al direct nadat ik de klaphekjes door ben (voor de kenners: dan sta je bij de groente- en fruitafdeling). Daar hoor ik de eerste ‘hoiiiii’ (sommige mensen kunnen ‘hoi’ uitspreken alsof het twee lettergrepen heeft). Het blijkt een vage bekende te zijn, dus ik hoef niet te blijven staan voor een praatje.

Ik loop door naar het ‘pasta-schap’, daar kom ik m’n buurvrouw tegen. Toevallig! Of ik ook pasta ga eten. En of ik wat verse basilicum uit haar moestuin wil, voor de saus. Kijk, zo knus is Weesp.

Ik loop door naar de vleeswaren- en kaasjes afdeling (voor de kenners: daar liggen meestal blokjes kaas om te ‘proeven’, erg fijn als je hongerig uit je werk komt).
‘Hejj Nora!! Ik heb je column gelezen hoor!’ (denk het Amsterdamse accent er even bij) Ah, de taxichauffeur! Die kom ik ook overal tegen. Ik klets wat, hij kletst nog meer, maar dan zeg ik dat ik toch echt door moet.

Bij de zuivelafdeling begin ik om me heen te kijken. Want negen van de tien keer kom ik hier de frisse wind van het IVW tegen. In m’n hoofd noem ik hem ‘mijn Albert Heijn mattie’: het schept toch een band als je elkaar dagelijks tussen de kwark en de kroepoek treft.
Ik wil net naar de kassa slenteren, als ik hoor: ‘Ha Nora! Daar zijn we weer!’ Daar is ‘ie! M’n AH-kameraad! Nu kan ik met een voldaan gevoel gaan afrekenen.

Let op: elke overeenkomst met bestaande personen of gebeurtenissen berust op puur toeval 🙂

 

Deze column is gepubliceerd in het WeesperNieuws op 15-2-2017

WeesperNieuws column Nora

 

Intens trots antwoordde ik zonder te aarzelen: ‘Ja natuurlijk!’, toen me werd gevraagd of ik maandelijks een column voor het WeesperNieuws zou willen schrijven. Want: supergaaf, een enorme eer en precies wat ik wil!

Pas later bekroop me toch een gevoel van lichte onzekerheid… Want ik heb wel wat ervaring met bloggen, maar het schrijven van een column is toch een klasse apart. Zou ik dat wel kunnen? En waar moet ik over schrijven dan? Wat nou als ik geen inspiratie heb? Zit ‘men’ wel te wachten op mijn columns? En zo zag ik nog 88 beren op de weg…

 

Zoals het een net meisje betaamt zal ik me eerst eens voorstellen: Ik ben Nora! Misschien ken je me als logopedist bij Logopedieprakijk Weesp, of van m’n blog Miles&More. Maar je kunt me ook wel eens door Weesp hebben zien rennen, dat doe ik namelijk ook graag. Het kan natuurlijk ook zijn dat je me nog niet kent: aangenaam dan!

 

Als voorbereiding op mijn column-debuut ben ik oudere edities van het WeesperNieuws gaan doorspitten. Natuurlijk om de columns van mijn columnist-collega’s (klinkt goed!!) en voorgangers eens goed te analyseren. Zo kwam ik er direct achter dat deze wekelijkse column nog helemaal niet zo lang bestaat: namelijk pas sinds 10 juni 2015! In mijn hoofd is deze rubriek er altijd als geweest. Okee, pffff, het pad is gelukkig nog niet zo geijkt als ik dacht.

Maar toen keek ik eens goed naar de andere Weesper columnisten. Oi, dat zijn niet de minsten… Ik, als blogger (of wat ben ik eigenlijk?), mag me voegen tussen Stephanie Prinssen (een tekstschrijver!!), dokter Burggraaff (een Weesper-autoriteit!!) en Stefan Stasse (een radio-personality!! Zet de radio aan en je hoort hem en zet de tv aan, dan hoor je hem weer.).

En toen zag ik in de een-na-laatste krant van 2016 ook nog de aankondiging van ‘mijn’ column staan… Mijn naam in een krantenkop. Je snapt: ik voel enige vorm van druk.

 

Maar hier is ‘ie dan: mijn eerste column, tadaaaa!! There’s no way back.

Had ik al gezegd dat ik stiknerveus ben? En trots 😉

 

Deze column is gepubliceerd in het WeesperNieuws op 18-1-2017